Wordt er genoeg gedaan tegen racisme in de sport?

12 minuten leestijd

© ANP

Wordt er genoeg gedaan tegen racisme in de sport?

Sport

Je leest nu

Wordt er genoeg gedaan tegen racisme in de sport?

    • Deel op

    • Gekopieerd
  • 40
  • 4164
Bekijk de collectie Sportgeschiedenis11 verhalen

Wie kent Mohammed Ali niet? Of het beeld van de atleten John Carlos en Tommie Smith, die tijdens de Olympische Spelen van Mexico 1968 met hun gehandschoende vuist de Black Power-groet brengen op het podium? Zij streden tegen racisme in en ook buiten de sportarena. Is dat doel bereikt?

Samengesteld door Steven van der Gaag

Wie waren de eerste zwarte sporters in Amerika?

Eind negentiende eeuw duiken de eerste zwarte kampioenen in Amerika op. Vaak kleinzonen of zelfs nog zonen van ex-slaven. De slavernij werd in heel Amerika in 1865 afgeschaft na de burgeroorlog tussen de noordelijke en de zuidelijke staten.

George Dixon

De geboren Canadees George Dixon bokst zich in 1890 naar de eerste wereldtitel voor een zwarte sporter. En ook de eerste zwarte fietskampioen komt uit die tijd: Marshall 'Mayor' Taylor krijgt van het blanke gezin waar zijn vader voor werkt een fiets en ontpopt zich als de snelste man bij het populaire baanwielrennen. De wedstrijden moeten een hel voor hem zijn: Taylor wordt uitgescholden en bekogeld. Een blanke concurrent probeert hem zelfs te wurgen op de baan.

Deel alinea

Waarom sportten blanke en zwarte Amerikanen apart?

Het is al heel wat dat Taylor het kan opnemen tegen een blanke tegenstander. Met name in de zuidelijke staten van Amerika heerst een strikte rassenscheiding. Blanken hebben hun eigen scholen, hun eigen restaurants, hun eigen bussen en dus ook hun eigen sportclubs. Zwarten zijn daar niet gewenst, zo ondervindt ook Moses Fleetwood Walker, die op 1 mei 1884 de eerste zwarte profhonkballer wordt. Tegenstanders weigeren te spelen tegen de catcher van de honkbalploeg Toledo Blue Stockings.

En zelfs sommige van zijn eigen teamgenoten zijn hem liever kwijt dan rijk. Pitcher Tony Mullane geeft toe dat hij niet met een zwarte wil spelen en daarom ook niet naar de tekens van Walker kijkt. Levensgevaarlijk in een tijd dat catchers nog geen helmen en lichaamsbescherming dragen: zo'n bal kan hard aankomen. Dat 'gedoe' met Walker willen de blanken niet meer en daarom wordt een jaar later in het honkbal de zogenaamde color barrier ingevoerd. Zwarte Amerikanen moeten in een eigen League spelen: de Negro League.

Deel alinea

Foto voorafgaand aan een All-Star Game, een wedstrijd tussen de beste spelers van de Negro League (1936). 

Waarom kreeg Jesse Owens geen hand van Hitler?

Er zijn ook sporten die de eerste barsten in de rassenscheiding slaan, bijvoorbeeld atletiek. John Baxter Taylor wint op de 4x400 meter hardlopen als eerste zwarte Amerikaan een gouden medaille op de Spelen van 1908 in Londen. De eerste zwarte atleet die wereldfaam vergaart, is Jesse Owens, zoon van een werkloze katoenplukker uit Alabama. Hij kroont zich in 1936 met vier gouden medailles tot de koning van de Nazi-spelen in Berlijn. Tot woede van Hitler die na een van Owens zeges het stadion uit beende, zo luidt althans de mythe, die in dit artikel wordt ontkracht. Hitler had een paar dagen eerder een aantal Duitse en Finse winnaars ontvangen in zijn ereloge, maar werd er door het International Olympisch Comité op gewezen dat dit niet gebruikelijk was. En dus heeft hij daarna ook geen enkele winnaar meer ontvangen. De Nazi's zagen Owens zegetocht overigens wel als een smet op de Arische superioriteit. De Duitse kranten noemen hem een "zwarte hulpkracht" die dichter bij het "dierlijke" zou staan. Owens bleek later ook zelf in de mythe te zijn gaan geloven en zei hierover: "Ik kreeg dan wel geen hand van Hitler, maar ik kreeg er ook geen van mijn eigen president in het Witte Huis." Roosevelt was bang dat een foto met een zwarte atleet hem in verkiezingstijd stemmen zou kosten.

De zwarte atleet Jesse Owens wint vier keer goud op de 'Nazi-spelen' in Berlijn in 1936. 

Na een heldenontvangst in New York, blijkt al snel dat alles bij het oude blijft. Owens dacht zijn gouden medailles te kunnen verzilveren, maar hij wordt een soort circusartiest die tegen honden en paarden moet rennen om wat te verdienen. Ronduit schrijnend is dat Owens bij een diner ter ere van zijn prestaties in Berlijn geacht wordt de zaal te verlaten zodra het eten wordt opgediend.

Deel alinea

Wie kwam in opstand tegen racisme in de sport?

Twee jaar na de Tweede Wereldoorlog verandert Jackie Robinson de Amerikaanse sport wel voor altijd. Wie naar een foto van de Chicago Cubs – de Amerikaanse honkbalkampioen van 2016 – kijkt, ziet vanzelfsprekend zwart en blank samen honkballen. Zonder Jackie Robinson was dat nooit mogelijk geweest. Op 15 april 1947 – Opening Day van het honkbalseizoen – betreedt Jackie Robinson als eerste zwarte Amerikaan het veld voor de Brooklyn Dodgers in de Major League Baseball. Alle andere spelers zijn blank, net als op alle andere velden. Time Magazine zal deze datum later tot een van de meest memorabele dagen van de twintigste eeuw benoemen.

Jackie Robinson doorbreekt de rassenscheiding in het honkbal. De Klu Klux Klan dreigde hem te vermoorden. 

Deel alinea

Dodgers-eigenaar Branch Ricky doorbreekt met Jackie Robinson de color barrier in het profhonkbal: "Als die zwarte mannen voor ons konden sterven in de Tweede Wereldoorlog, waarom kunnen ze dan niet voor ons honkballen?" Ricky kiest niet de beste zwarte honkballer, maar degene die mentaal in staat was om de rassenscheiding te doorbreken. "Je zult uitgescholden worden," houdt hij Robinson voor. "Door spelers, vanaf de tribunes, in de kranten. Mensen gaan je bedreigen. Ik vraag je om dan rustig te blijven." "Vraag je mij om laf te zijn?" antwoordt Robinson. “Nee,” zegt Ricky, "Ik vraag je om moedig te zijn."

Jackie Robinson in 1950.

In zijn eerste jaar wordt Robinson gekozen tot Rookie of the Year, de beste debutant. Daarna is hij ook nog een keer de meest waardevolle speler van het seizoen. Robinson wordt geëerd, bewonderd en hoog geacht, maar na zijn actieve carrière is er geen baan voor hem in het profhonkbal als coach. Dat kwetst hem diep. Hij heeft het nog steeds niet gemaakt, hij is nog steeds niet echt geaccepteerd. Robinson heeft het honkbalveld en de Amerikaanse sport veranderd, maar voor een gelijke behandeling van zwarte Amerikanen in de samenleving is meer nodig. En een zelfbewuste zwarte Amerikaanse bokser speelt daarin een sleutelrol.

Wat betekende Mohammed Ali voor de beweging tegen racisme in de sport?

Eigenlijk maakt Mohammed Ali – toen nog Marcellus Cassius Clay genaamd – hetzelfde mee als Jesse Owens. Hij wint goud op de Spelen van Rome in 1960. Thuis in Louisville Kentucky gaat hij trots met de medaille om zijn nek eten in een restaurant. “We don't serve negro's”, zegt de serveerster: we serveren geen negers. “I don't eat them either, so give me a couple of hamburgers. zou Clay hebben geantwoord: ik eet ze ook niet, dus geef mij een paar hamburgers. De 'Louisville lip' wordt hij ook wel genoemd: hij praat net zo makkelijk als hij stoot in de ring. En met die vlotte babbel verzet hij zich bijna als een rapper voor elke microfoon tegen de ongelijke behandeling van de zwarte bevolking.

© ANP

Deel alinea

Clay was de slavennaam van zijn voorouders. Die wil hij niet langer dragen. Clay bekeert zich tot de Islam en gaat verder door het leven als Mohammed Ali. Als hij wordt opgeroepen voor het Amerikaanse leger weigert hij dienst. Amerika is op dat moment in oorlog met de guerillagroep Vietcong in Noord-Vietnam. De Vietcong noemt mij tenminste geen 'nigger', zegt Ali, als hem naar de reden van de weigering wordt gevraagd. 'Nigger' is een scheldwoord waarmee blanken zwarte Amerikanen beledigen. Dat hij zijn wereldtitel moet inleveren en een celstraf riskeert doet hem niets: "Jullie sluiten ons al 400 jaar op, dus daar kunnen nog wel een paar jaar bij." De boksring is eigenlijk zijn kleedkamer: het echte gevecht moet hij in de wereld leveren.

"Ik ben jong, knap, snel, mooi en ik ben onverslaanbaar."

“Ali stond als sporter midden in de burgerrechtenbeweging die in de jaren zestig opkwam,” zegt zijn biograaf Thomas Hauser. Andere bekende sporters van zijn generatie doen dat niet. Ali symboliseert de trots van de zwarten in Amerika. En niet alleen daar. Hauser: "Hij was een baken van hoop voor onderdrukten. Niet alleen in de Verenigde Staten, maar over de hele wereld. Ali was meer dan een symbool van een tijd. Hij heeft de tijd waarin hij leefde gestalte gegeven."

Wat betekenen de gebalde vuisten van zwarte sporters?

Na Ali staan meer sporters op. De toon in de Amerikaanse samenleving verhardt. Naast de geweldloze 'Civil Rights Movement' van Martin Luther King ontstaat de Black Power-beweging, voor wie de veranderingen niet snel genoeg gaan en geweld ook een optie is om gelijke burgerrechten voor de zwarte Amerikanen af te dwingen. Zwarte sporters dreigen de Olympische Spelen van Mexico 1968 te boycotten. Jesse Owens mengt zich in het debat: “Ik mocht niet eten in bepaalde restaurants. Ik mocht niet logeren in bepaalde hotels. Maar als ik in 1936 niet naar Berlijn was gegaan, dan had ik de mythe die een man rondstrooide over Arische superioriteit nooit kunnen ontkrachten,” zegt hij in zijn boek Black Think. Hij doelde hiermee op de Nazi’s die meenden dat het blanke ras beter was dan het zwarte ras. Owens wordt echter weggehoond door de nieuwe generatie.

De boycot gaat niet door, maar de Amerikaanse sprinters Tommie Smith en John Carlos gebruiken het podium van de Spelen wel om aandacht te vragen voor de misstanden in hun land. Letterlijk. Bij de medaille-uitreiking – Smith wint goud, Carlos brons – brengen zij met hun gebalde vuist in een zwarte handschoen de Black Power-groet tijdens het Amerikaanse volkslied. Waarom juist bij het volkslied? "Die vlag vertegenwoordigde mij niet," kijkt Smith later terug. "Toen het volkslied begon, keek ik niet naar de grond. Ik bad het 'Onze Vader', met gebogen hoofd maar met gebalde vuist. Ik droeg een zwarte handschoen in de naam van Black Power. Ik stond op sokken als teken van armoede." Hun daad van verzet blijft niet zonder gevolgen. De atleten worden uit het Olympisch dorp gezet, geschorst door de Amerikaanse atletiekbond en ze ontvangen doodsbedreigingen. Eerherstel volgt pas bijna vijftig jaar later officieel als de Amerikaanse president Barack Obama hen ontvangt op het Witte Huis.

De Amerikaanse sprinters Tommie Smith en John Carlos krijgen eerherstel in het Witte Huis. 

Op het erepodium in Mexico staat ook Peter Norman, een blanke Australiër. Hij lijkt geen rol te spelen, maar net als de twee Amerikanen draagt hij tijdens de ceremonie een button van het Olympisch Project voor de Mensenrechten. Het verhaal gaat dat hij Smith en Carlos zelfs adviseerde het ene paar handschoenen te delen. Op het podium dacht Norman aan de Aboriginals, die in zijn eigen land onderdrukt werden, vertelt hij later. Norman wordt bij terugkomst verketterd om zijn sympathiebetuiging. Hij heeft het gewaagd sport te gebruiken voor een politiek standpunt. Hoewel hij vijfde op de wereldranglijst staat, mag hij vier jaar later niet naar de Olympische Spelen in München. Als enige Australisch olympiër mag hij geen ereronde lopen bij de Spelen van Sydney in 2000. Norman overlijdt in 2006. Tommie Smith en John Carlos dragen zijn kist. In 2012 krijgt Norman postuum eerherstel in het Australische parlement. Carlos zegt in een reactie dat het wel iets eerder had gekund.

Deel alinea

Wat deed Mandela tegen racisme in de sport?

Nelson Mandela gebruikt als politicus de sport juist op magistrale wijze om de raciale spanningen in Zuid-Afrika te verminderen. Hij is nog maar een jaar president van een Zuid-Afrika waar de apartheid net officieel is afgeschaft als zijn land het WK Rugby in 1995 organiseert. Rugby was altijd de sport van de blanke onderdrukker. Mandela nodigt aanvoerder Francois Pienaar uit in zijn ambtswoning en brengt onverwacht een bezoek aan het trainingskamp. Hij wil dat de hele natie trots is op het team met de bijnaam 'Springbocks'.

Nelson Mandela feliciteert aanvoerder Francois Pienaar. 

Zuid-Afrika bereikt de finale waarin het favoriete Nieuw-Zeeland de tegenstander is. Na een zinderende wedstrijd wint Zuid-Afrika. Pienaar knielt op het veld. Deze overwinning overstijgt de sport als Nelson Mandela in het shirt van de Springbocks, het shirt dat altijd van de vijand was, het veld opkomt om de beker uit te reiken. Na afloop vertelt Pienaar dat hij niet alleen de steun voelde van de 60.000 mensen in het stadion, maar van 43 miljoen Zuid-Afrikanen. Rugby heeft blank en zwart in Zuid-Afrika voor even bij elkaar gebracht.

Deel alinea

Hoe ging Nederland om met zwarte sporters?

Het Nederlands elftal is tot 3 april 1960 wit. Op die dag debuteert Humphrey Mijnals voor Oranje in het Olympisch Stadion in een wedstrijd tegen Bulgarije. Een paar jaar daarvoor heeft het Utrechtse Elinkwijk hem aangetrokken samen met drie andere spelers uit Suriname. Mijnals leeft voor altijd voort in de omhaal waarmee hij op spectaculaire wijze een bal van de lijn redt, waarna mannen met lange jassen en hoge hoeden hem na afloop van de wedstrijd op de schouders nemen.

Humphrey Mijnals en anderen vertellen over de beroemde omhaal waarmee hij een bal van de lijn redt. 

Nederland als baken van tolerantie? Zo mooi is het ook weer niet op de velden. “Vuile vieze zwarte, ga terug naar je land,” sist Abe Lenstra – de grote ster van die tijd – tegen Mijnals tijdens een wedstrijd. En als hij een keer bij het keurige Sparta met een brancard van het veld moet, klink er van de tribune: “Postzegel van 15 cent erop en terugsturen!”

Deel alinea

Het duurt na Mijnals twintig jaar voor met Ruud Gullit, Frank Rijkaard en Gerald Vanenburg een nieuwe generatie Surinaamse spelers doorbreekt in het profvoetbal. Anders dan Mijnals zijn zijn in Nederland geboren. De sfeer in de stadions is begin jaren tachtig grimmig. Van de tribunes klinken oerwoudgeluiden. Er worden bananen op het veld gegooid. Gullit kan zich er niet druk om maken: "Ik ga alleen maar beter spelen." Hij toont zich bevlogen door in 1987 de Gouden Bal – de prijs voor werelds beste voetballer – op te dragen aan Nelson Mandela, die dan nog vast zit op Robbeneiland. Als aanvoerder van Oranje tilt hij een jaar later de beker voor de Europees kampioen omhoog.

Pas bij de generatie daarna zie je een bewustwording die in de verte doet denken aan de jaren zestig in Amerika. De Ajacieden Clarence Seedorf, Edgar Davids, Patrick Kluivert, Winston Bogarde en Michael Reiziger plaatsen zich met Oranje voor het EK 1996. Ze zijn trots op hun Surinaamse wortels en noemen zich in een interview de kabel, om hun onderlinge vriendschap te benadrukken. Zij willen in de voetsporen van Gullit, Rijkaard en Vanenburg treden en Nederland Europees kampioen maken.

Op het EK in Engeland gaat het echter helemaal mis. Een sluimerend conflict bij Ajax komt tot uitbarsting. De zwarte spelers krijgen minder betaald dan spelers als Blind en de broertjes De Boer. De gepasseerde Davids vindt dat bondscoach Guus Hiddink zijn oren te veel laat hangen naar deze blanke spelers. “Hij moet zijn hoofd uit hun reet halen, dan kan hij beter zien,” zegt hij tegen een Zwitserse journalist. Een dag later wordt hij weggestuurd. Oranje wordt in de kwartfinale uitgeschakeld door Frankrijk.

Edgar Davids wordt door bondscoach Guus Hiddink weggestuurd op het EK van 1996. 

Voor het wereldkampioenschap van 1998 worden de plooien tussen Hiddink en Davids recht gestreken. Davids is een van de uitblinkers op het WK in Frankrijk. Niemand heeft het meer over de kabel. Een Nederlands elftal met zeven donkere jongens, zoals in juni 2016 tegen Oostenrijk, wie kijkt er nog van op?

"Blanke mannen kunnen niet springen."

Hoe kon Michael Jordan symbool van blank en zwart zijn?

Terug naar Amerika. Kleur wordt steeds minder een barrière na de roerige jaren zestig. Tenminste, volgens de wet. Tennis en golf blijven bijvoorbeeld vooral blanke bastions, ondanks de doorbraak van de zusjes Williams (tennis) en Tiger Woods (golf). Basketbal wordt steeds meer het fort van de zwarte sporter in Amerika onder het motto: 'blanke mannen kunnen niet springen'. In de periode dat Ruud Gullit de Gouden Bal opdraagt aan Nelson Mandela ontpopt Michael Jordan zich in Chicago tot de grootste basketballer van zijn tijd. Zes keer wordt hij met de Chicago Bulls kampioen van Amerika. En ook buiten het veld is hij uitermate succesvol met een eigen sneaker-lijn bij Nike.

"Het is een bedrijfstak. Maar ook een leuk spel, en dat blijft het."

Michael Jordan verbindt blank en zwart misschien wel zonder zich er van bewust te zijn. Als basketballer is hij een symbool voor de zwarte gemeenschap. Blanken omarmen hem als geslaagd zakenman. Jordan is zich wel bewust van zijn imago en weegt dat zorgvuldig af tegenover zijn zakelijke belangen. Dat blijkt onder meer als zijn vroegere coach in het College-basketbal hem in 1990 vraagt de zwarte Senaatskandidaat Harvey Gantt te steunen in de strijd tegen de racistische Jesse Helms in North-Carolina. Jordan weigert en zegt: "Republikeinen kopen ook sneakers."

Deel alinea

Is racisme verdwenen uit de sportarena?

Volgens de FIFA wel. De wereldvoetbalbond heft in 2016 de werkgroep op die racisme moet bestrijden. Niet veel later worden er bij de Champions League-wedstrijd FK Rostov – PSV bananen op het veld gegooid naar de donkere PSV-spelers.

© Facebook

Alle iconen die hierboven zijn besproken hebben barrières geslecht en er aan bijgedragen dat blank en zwart samen kunnen sporten. Maar zolang racisme als een gezwel aan de samenleving vreet, zal het ook in de sportarena de kop op steken. Als voetballer Memphis Depay een selfie plaatst met een paar andere donkere jongens valt direct het woord 'kabel' en volgen er reacties waar de honden geen brood van lusten. Meer dan ooit kunnen sporters via de media de publieke opinie beïnvloeden. En zij pakken die rol weer op.

Deel alinea

Dat wordt in 2016 zichtbaar in Amerika bij de steunbetuiging van American Footballer Colin Kaepernick aan de Black Lives Matter beweging. Dit straatprotest tegen het politiegeweld tegen zwarte Amerikanen is dankzij Kaepernick en andere sporters overgewaaid naar de sportstadions. Kaepernick knielt voor elke wedstrijd tijdens het spelen van het Amerikaanse volkslied. En zal dat blijven doen “tot de vlag weer staat waarvoor hij moet staan en iedereen vertegenwoordigt". Kaepernick zit door zijn actie inmiddels zonder club, maar steeds meer sporters volgen zijn voorbeeld. Tot woede van president Donald Trump, die oproept knielende spelers te ontslaan: "Haal die klootzak van het veld," zegt hij september 2017 in een woeste toespraak. De wedstrijddag daarop wordt er massaler dan ooit geknield op de footballvelden. 

Kaepernick introduceert het knielen tijdens het spelen van het Amerikaanse volkslied als protest tegen racisme. Die actie krijgt veel navolging onder andere sporters. 

De Dallas Cowboys knielen tijdens het spelen van het volkslied, voorafgaand aan hun uitwedstrijd tegen de Arizona Cardinals op 25 september 2017. 

In het kort:

  • Jesse Owens wint vier gouden medailles op de Olympische Spelen van Berlijn in 1936. Hij krijg geen hand van Hitler.

  • Op 15 april 1947 doorbreekt Jackie Robinson de rassenscheiding in het honkbal. Vroeger sportten zwarte en blanke Amerikaanse sporters veelal gescheiden.

  • Bij de Olympische Spelen in Mexico brengen John Carlos en Tommie Smith de Black Power-groet op het erepodium.

  • Nelson Mandela gebruikt in Zuid-Afrika rugby - de sport van de blanke onderdrukker - om zwart en blank bij elkaar te brengen.

  • Humphrey Mijnals is in 1960 de eerste Surinaamse voetballer in het Nederlands elftal.

  • In 2016 knielt American Footballer Colin Kaepernick knielt bij het volkslied als steunbetuiging aan de Black Lives Matter-beweging. Dat gebaar krijgt steeds meer navolging. 

Deel dit venster