Wat zijn de Decembermoorden?

12 minuten leestijd

© ANP

Wat zijn de Decembermoorden?

Recht

Je leest nu

Wat zijn de Decembermoorden?

    • Deel op

    • Gekopieerd
  • 33
  • 5885

Op 8 december 1982 zijn in Fort Zeelandia (Paramaribo) vijftien vooraanstaande Surinamers vermoord onder het bewind van Desi Bouterse. De slachtoffers zijn standrechtelijk geëxecuteerd en vertonen tekenen van marteling. Wat ging vooraf aan de gruwelijke moorden? Wat gebeurde er precies op deze acht en negen december? En hoe zijn de slachtoffers om het leven gebracht?

Samengesteld door Saskia Wayenberg

Wat ging er vooraf aan de Decembermoorden?

Op 25 november 1975 verklaart Suriname zichzelf onafhankelijk. Henck Arron is de eerste premier van het onafhankelijke Suriname. In de jaren daarna gaat het niet goed met het land. Dat komt mede door het tempo waarin de onafhankelijkheid moet worden gerealiseerd, met als gevolg dat de economie verslechterd en de werkloosheid in een razend tempo stijgt.

"We hebben onze toekomstidealen nog niet kunnen realiseren."

Deze situatie zorgt voor veel spanningen onder een groot deel van het Surinaamse volk. Ondanks de economische steun die Suriname krijgt, vragen velen zich af of Arron het land wel kan leiden. Hij pakt maatschappelijke problemen nauwelijks aan en wordt verdacht van corruptie en fraude. Hoewel Arron ook wordt beschuldigd van verkiezingsfraude wordt hij in het nieuwe kabinet (1977) wederom premier.

Deel alinea

© ANP

Henck Arron, de eerste premier van het onafhankelijke Suriname.

Het eerste tegengeluid volgt in 1980. Zestien onderofficieren van het Surinaams Nationaal Leger, waaronder sergeant Desiré Delano (Desi) Bouterse, grijpen op 25 februari van dat jaar naar de wapens. Tijdens deze staatsgreep worden Arron en zijn regering afgezet en gevangengenomen. Zowel Suriname als Nederland geven deze sergeantencoup het voordeel van de twijfel. Maar in de jaren daarna blijkt dat de sergeanten niet goed voorbereid zijn op de vele verantwoordelijkheden die komen kijken bij het regeren, en het land lijkt wederom slachtoffer te worden van corruptie. Daarnaast worden een aantal militaire functionarissen verdacht van vriendjespolitiek, wapenhandel en cocaïnehandel. De onderdrukking door de militaire machthebbers neemt toe, evenals de weerstand onder de bevolking, die zich meer en meer gaan verzetten.

© ANP

Desi Bouterse, president van Suriname.

In maart 1982 volgt wederom een coup. Deze keer door een kleine groep militairen, waaronder luitenant Soerindre Rambocus en zijn collega sergeant-majoor Wilfred Hawker. Tijdens deze staatsgreep loopt een deel van de compagnie over naar de vijand: het kamp van Bouterse. Daardoor mislukt de coup.

Audiofragment

Uitspraak Rambocus
NOS - Zorg en Hoop, 3 dec 1983

Hawker wordt door ‘kamp Bouterse’ gedwongen een verklaring af te leggen. Op televisie verschijnen beelden van hem waarop hij zwaargewond te zien is. Na zijn verklaring wordt hij geëxecuteerd. De executie van Hawker schudt de bevolking van Suriname wakker. Blijkbaar is kamp Bouterse in staat om iedereen die hen tegenspreekt om het leven te brengen, zonder enige vorm van proces.

De gewonde sergeant Hawker, die kort na deze beelden geëxecuteerd wordt. 

Naast Hawker worden ook andere invloedrijke Surinamers opgepakt voor medeplichtigheid aan de coup. Hoewel de betrokkenheid van een aantal van de Surinamers niet duidelijk is, worden ze toch opgesloten. Strafpleiters John Baboeram, Eddy Hoost en Harold Riedewald nemen de verdediging van deze mensen op zich. Ze zijn van mening dat het geen echte coupplegers zijn aangezien ze een regime naar huis willen sturen dat destijds zelf ook niet op een democratische manier aan de macht is gekomen.

De vakbonden en de bevolking van Suriname eisen meer democratie en er vinden diverse demonstraties plaats waarbij Bouterse voor dictator wordt uitgemaakt. Wanneer in oktober 1982 Maurice Bishop, de president van de eilandengroep Grenada, een bezoek brengt aan de machthebbers in Suriname wordt hij door hen hartelijk ontvangen. Evenals Bouterse zit Bishop in een revolutionair proces en met het bezoek aan Suriname wil Bishop kijken hoe zij het er vanaf brengen. De rest van Suriname kan het bezoek van Bishop aan de militaire machthebbers niet waarderen en er volgen stakingen en demonstraties in Paramaribo.

Desi Bouterse, president van Suriname.

De grootste vakbond van Suriname (de Moederbond) organiseert onder leiding van Cyrill Daal ook een demonstratie, vlakbij een massabijeenkomst die gepland stond voor Bishop. De demonstratie van de Moederbond trekt aanzienlijk meer toeschouwers dan de massameeting met een woedende Bouterse als gevolg. Hij en Bishop voelen zich geschoffeerd en Bishop zegt dan ook: “Je zal de krachten die niet voor je zijn moeten elimineren, anders zullen ze jou elimineren”.
Vlak daarna volgen de represailles. Omdat Cyrill Daal als vakbondsleider het toenemende verzet tegen het bewind van Bouterse leidt, vormt hij een bedreiging en wordt gevangengenomen.

"Maurice Bishop, de charismatische leider van de revolutie op het eiland Greneda, is het grote voorbeeld voor Desi Bouterse."

"Meneer Daal heeft mij de rekening gepresenteerd die ik hem contant ga betalen!"

Desi Bouterse

Een uitspraak van Bouterse, die een aantal dagen later resulteert in de dood van Daal en veertien andere vooraanstaande Surinamers: een bloedbad dat niemand verwachtte.

Wat gebeurde er op acht en negen december 1982 in Paramaribo?

In de nacht van zeven op acht december slaan de militairen van Bouterse keihard toe. Om twee uur ’s nachts openen zij de aanval en verwoesten ze de radiostations ABC en Radika, de drukkerij van het dagblad De Vrije Stem en het gebouw van vakcentrale de Moederbond. Daarnaast worden zestien onwetende tegenstanders van het militaire regime van Bouterse uit hun bed gelicht en overgebracht naar Fort Zeelandia aan de Surinamerivier in Paramaribo: het voormalige hoofdkwartier van Bouterse.

Deel alinea

Vijftien van de zestien voorvechters van recht, democratie en vrijheid worden in Fort Zeelandia die nacht gemarteld en vermoord. Onder hen vier advocaten, vijf journalisten, twee militairen, twee universiteitsdocenten, de vakbondsleider en een ondernemer.

De arrestanten worden in Fort Zeelandia opgesloten in twee ruimtes: in de ene ruimte zitten elf arrestanten en in de andere ruimte vijf. De ruimtes zijn van boven open, waardoor ze tijdens hun uren in gevangenschap zicht hebben op het hoger gelegen kantoor van Bouterse. Gevangenen Rambocus, Sheombar, Slagveer en Kamperveen worden rond half negen als eersten via de draaitrap naar het kantoor van Bouterse gebracht. Daar zitten de drie hoofden van het leger: Horb, Bhagwandas en Bouterse. De arrestanten worden streng toegesproken, beschuldigd en neergezet als zogenaamde ‘vijanden van de revolutie’. Daarna volgt de executie op bastion Veere, het buiten-gelegen platform.

© ANP

Fred Derby, de enige arrestant die de Decembermoorden heeft overleefd, stelt in zijn verklaring dat de hel losbreekt in de ruimte waar de andere gevangen nog wachten op hun doodvonnis zodra de geweerschoten vanuit hun cel te horen zijn.  “Iedereen begon te rennen in de hoop zichzelf te redden. Terwijl ik rende zag ik Baboeram tegen de muur staan, de stenen muur, en terwijl hij bad, begon hij met zijn hoofd tegen de muur te slaan tot bloedens toe”. 

Derby wordt om onbekende redenen en als enige gevangene diezelfde dag nog vrijgelaten. Achttien jaar na de moorden doet Derby zijn verhaal bij journalist Carlos Durham. Hij vertelt wat er gebeurt vanaf het moment dat hij van zijn bed wordt gelicht tot het moment dat hij weer thuis wordt afgeleverd. Zo vertelt hij: “En de mensen werden dus daar met huilen en schreeuwen en toestanden gebracht. En dat duurde niet zo lang. Daarna hoorde je dus schoten, repeterende schoten”. Voor zijn dood (2001) legt Derby tijdens een politieverhoor zijn verklaringen af.

In de documentaire 'Het dilemma van Derby' doen Derby en zijn vrienden en familie hun verhaal.

De verschillende verklaringen, van zowel Bouterse als de militairen die er aan het werk waren en Derby, komen niet met elkaar overeen. Daardoor zijn de omstandigheden waarop de vijftien oppositieleiders die nacht op Fort Zeelandia om het leven zijn gekomen nooit volledig opgehelderd en doen er verschillende verhalen de ronde. Na deze beruchte nacht in 1982 legt Bouterse de volgende ochtend een verklaring af waarin hij vertelt dat zijn regering die nacht een poging tot een machtsovername, die op kerstnacht zou plaatsvinden, vroegtijdig heeft kunnen stoppen.

De verklaring van Bouterse op de Surinaamse televisie na de Decembermoorden.

In deze verklaring vertelt hij echter niet dat vijftien van de zestien van de vooraanstaande Surinamers door zijn manschappen zijn geëxecuteerd. Op tien december legt Bouterse nog een verklaring af, waarin hij vertelt waarom de vijftien mensen zijn doodgeschoten. Zelf ontkent hij iedere betrokkenheid bij de moorden. Zijn verklaring luidt als volgt:

"Het was zij of wij."

Desi Bouterse

"Toen woensdagmiddag (8 december) het transport van de verdachten van het Fort Zeelandia naar de kazerne op technische problemen stuitte, werd besloten dit transport in de avonduren plaats te doen vinden. Bij dit transport ondernam een aantal der aangehoudenen, vermoedelijk op instigatie van twee der aangehouden militairen, een wilde vluchtpoging. Nadat schoten in de lucht hen niet van hun ontsnappingspoging konden weerhouden, moest gericht worden geschoten waarbij een deel der aangehouden samenzweerders het leven liet."

Een ooggetuige, die als militair werkzaam was tijdens de gebeurtenissen op Fort Zeelandia, doet zijn verhaal. Ook daaruit blijkt geen enkele overeenkomst met de verklaring van Bouterse.

Hoe werden de vijftien slachtoffers van de Decembermoorden om het leven gebracht?

In 1983 brengt het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) een rapport naar buiten met daarin verklaringen van de medewerkers van het mortuarium waar de lijken van de Decembermoorden binnen zijn gebracht. In het rapport wordt vermeld dat de lichamen sporen van zware mishandeling vertonen, over allerlei botbreuken beschikken, en meer verwondingen hebben die niet afkomstig zijn van geweerschoten. Ook zijn de slachtoffers van voren neergeschoten waaruit geconcludeerd kan worden dat zij niet op de vlucht waren, wat Bouterse wel beweerde in zijn verklaring.

Familie van de slachtoffers vertellen in de documentaire 'De zonen van Suriname' hoe zij de lichamen aantroffen in het mortuarium. De hele aflevering zien? Kijk op NPO.nl.

Deel alinea
"Wat ik zag waren eigenlijk stukgeslagen lichamen."

Nirmala, de zus van Soerendre Rambocus.

In 2000 komt er gerechtelijk onderzoek naar de gebeurtenissen op Fort Zeelandia en door allerlei omstandigheden start het proces pas zeven jaar later. Vijfentwintig verdachten zijn daarbij opgepakt en president Desi Bouterse is de hoofdverdachte in de zaak. Maar nog steeds weet Bouterse allerlei manieren te bedenken waarmee hij het proces kan vertragen. Zo geeft hij in juni 2016 aan dat hij de zaak stopzet in verband met ‘gevaar voor staatsveiligheid’. Tegenstanders van Bouterse zijn het zat en ze noemen de acties van Bouterse om het proces te vertragen ‘puur machtsmisbruik’. 

De kans dat Bouterse ooit achter de tralies verdwijnt voor de gruwelijke daden op 8 en 9 december 1982 is klein. Als president van Suriname kan hij gratie krijgen, beschikt hij over een elitekorps dat hem te allen tijde beschermt en kan hij de absolute macht krijgen in Suriname door ‘de noodtoestand’ uit te roepen. Ook kan hij ervoor kiezen zijn bevoegdheden als president over te dragen aan de vicepresident, die Bouterse en de andere verdachten in de zaak gratie kan verlenen. 

Bouterse ontsnapt op 9 februari 2017 wéér aan zijn strafeis en wederom wordt het proces uitgesteld.

Op 29 oktober 2018 krijgt Bouterse de mogelijkheid om zich tegenover de rechter te verantwoorden voor zijn aandeel in de Decembermoorden. Hij heeft ervoor gekozen geen gebruik te maken van dit 'laatste woord'. 

In het kort:

  • Henck Arron is de eerste premier van het onafhankelijke Suriname, maar onder zijn leiding verslechtert de economie en stijgt de werkloosheid in een razend tempo. Zestien onderofficieren van het Surinaams Nationaal Leger, waaronder sergeant Desiré Delano (Desi) Bouterse, plegen een coup waarin Arron en zijn regering worden afgezet en gevangengenomen.

  • De onderdrukking van de bevolking neemt toe onder deze militaire machthebbers. Een tweede couppoging wordt neergeslagen. In oktober 1982 brengt Maurice Bishop, de president van de eilandengroep Grenada, een bezoek aan de machthebbers in Suriname. De Moederbond (een vakbond) organiseert tegelijkertijd een demonstratie tegen de militaire machthebbers, die meer bezoekers trekt dan de bijeenkomst met Bishop.

  • Als reactie hierop pakt de regering – onder leiding van Bouterse – zestien onwetende tegenstanders van de regering op. Zij worden op Fort Zeelandia vastgehouden. Vijftien van deze gevangen worden gemarteld en geëxecuteerd. Bouterse stelt vervolgens dat hij een machtsovername vroegtijdig heeft weten te stoppen.

  • Bouterse ontkent iedere betrokkenheid bij de moorden. De kans dat hij ooit achter de tralies verdwijnt voor de gruwelijke daden op 8 en 9 december 1982 is klein. Als president van Suriname heeft hij veel macht om het proces te omzeilen.

Deel dit venster