Wordt kunstmatige intelligentie slimmer dan de mens?

8 minuten leestijd

Wordt kunstmatige intelligentie slimmer dan de mens?

Tech

Je leest nu

Wordt kunstmatige intelligentie slimmer dan de mens?

    • Deel op

    • Gekopieerd
  • 1
  • 51

Kunstmatige intelligentie is bijna doorlopend in het nieuws. Is het niet vanwege alweer een indrukwekkende mijlpaal, dan wel vanwege de zorgen die we ons maken over al te slimme software. Wat is kunstmatige intelligentie nu precies? Kan een computer wel echt intelligent zijn? Wat is de Turingtest, en gaan we richting de singulariteit?

Samengesteld door Bouwe van Straten

Wat is kunstmatige intelligentie?

Menselijke intelligentie is al lastig te definiëren, en datzelfde probleem speelt kunstmatige intelligentie (KI) soms parten. In de jaren zeventig van de vorige eeuw denken mensen dat voor schaken werkelijke intelligentie, inzicht en creativiteit nodig zijn. In 1997 blijkt dat schaakcomputer Deep Blue met brute rekenkracht wereldkampioen Kasparov de baas kan. Is Deep Blue werkelijk (kunstmatig) intelligent? Volgens de definitie van twintig jaar eerder wel, maar experts gaan al snel weer aan de slag met de volgende uitdaging. KI staat ook wel bekend als ‘dat wat computers op dit moment nog niet kunnen’.

Kunstmatige intelligentie is dat deel van de computerwetenschappen dat zich bezighoudt met de ontwikkeling van machines die op een menselijke manier reageren. Dat klinkt als een brede definitie, maar de variatie aan projecten die onder de noemer KI vallen is dan ook ontzettend breed. Je kunt hierbij denken aan spraak- en gezichtsherkenning, schaakcomputers, zelflerende systemen als het Go-programma AlphaGo, plannen, problemen oplossen en het herkennen van patronen in bredere zin.

Deel alinea

In films en boeken neemt KI vaak de vorm aan van een robot, maar dat zijn twee verschillende dingen. Je zou de robot kunnen zien als de hardware, en KI als de software – het brein – dat het intelligente gedrag van een robot mogelijk maakt.

Hoe zorgen we dat computers blijven doen wat wij willen dat ze doen?

De uitdaging is om computers uit te rusten met de noodzakelijke kennis, waarmee ze vervolgens moeten kunnen redeneren en problemen oplossen. Die vaardigheden kunnen ze  alleen met de wereld delen als ze die wereld kunnen waarnemen, en objecten kunnen aansturen en bewegen. Bij voorkeur kan het programma leren en vervolgens plannen of voorspellingen doen. Alle cursieve termen gelden als kernproblemen in de kunstmatige intelligentie. 

Soms handelt KI op basis van vaststaande regels, algoritmen genaamd. Zulke systemen zijn in principe geheel transparant en voorspelbaar. Steeds vaker bestaat KI echter uit zelflerende systemen. De computer verandert dan in de loop van de tijd, op basis van kennis, waarneming en eigen ‘ervaring’, zijn algoritmen. Voor de mens is zo’n systeem niet meer altijd begrijpelijk. Zelfs de beste Go-spelers begrijpen niet waarom AlphaGo bepaalde zetten doet, en in de software is niet goed na te gaan hoe het programma tot zijn beslissing komt. We zien slechts dat het werkt; de computer verslaat ons.

In de Griekse mythologie maakt beeldhouwer Pygmalion een ivoren standbeeld dat vervolgens tot leven komt.

Hoe heeft KI zich ontwikkeld?

Je zou kunnen zeggen dat de geschiedenis van de kunstmatige intelligentie begint in de klassieke oudheid, met de eerste mythen en verhalen over kunstmatige wezens, gemaakt door getalenteerde ambachtslieden. Filosofen proberen dan ook al om het menselijk denken in zo exact mogelijke termen te beschrijven. 

Dat mondt in de jaren veertig van de vorige eeuw uit in de eerste digitale, programmeerbare computer, mede dankzij het baanbrekende werk van de jonge Britse wiskundige Alan Turing. Cognitief wetenschapper John McCarthy munt in 1955 de term kunstmatige intelligentie, voor de eerste conferentie die een jaar later over het onderwerp zal worden gehouden in Dartmouth.

Alan Turing was een van de grondleggers van de computerwetenschap. De hele aflevering zien? Kijk op NPO Start.

De verwachtingen zijn torenhoog. McCarthy is ervan overtuigd dat elk aspect van onze intelligentie en ons leervermogen in principe zo precies kan worden omschreven dat je het op een machine kan simuleren. Berucht zijn de voorspellingen van een andere pionier in het veld, Marvin Minsky. Hij voorspelt in de begindagen dat kunstmatige intelligentie binnen een generatie het niveau van menselijke intelligentie heeft. Een van zijn studenten krijgt als zomerproject een probleem mee naar huis dat decennia later nog niet is opgelost.

Deel alinea

Het gebrek aan concrete resultaten zorgt zowel in de jaren zeventig als in de late jaren tachtig voor teleurstelling bij overheden en investeerders, met opdrogende geldstromen en minder onderzoek als gevolg. In de 21ste eeuw floreert het vakgebied opnieuw, mede dankzij de sterk toegenomen rekenkracht van computers. Opnieuw zijn de verwachtingen hooggespannen; voorspellingen over slimme machines die de mens ver achter zich laten zijn aan de orde van de dag. Of dat een zegen of een vloek is, daarover zijn de meningen sterk verdeeld.

"We kunnen al lang niet meer zeggen dat we geen machines gaan maken die ons kwaad zullen doen." Bekijk de hele uitzending hier.

Wat kan kunstmatige intelligentie nu al?

De lijst van dingen die een computer inmiddels net zo goed of beter kan dan een mens, blijft groeien. Veel aandacht is er in 1997 voor de eerste computer, Deep Blue, die de wereldkampioen schaken Garry Kasparov verslaat. In 2011 is Watson de mens de baas in de kennisquiz Jeopardy. En AlphaGo verslaat in 2015 de wereldkampioen Go, het meest complexe bordspel van allemaal.

In 2016 bleek computerprogramma AlphaGo beter Go te kunnen spelen dan wereldkampioen Lee Sedol. 

Zelfrijdende auto’s klinken misschien als toekomstmuziek, maar zijn al realiteit. Testmodellen maken al een aantal jaren de wegen in Californië veilig – ze maken tot dusver een stuk minder ongelukken dan menselijke bestuurders. De eerste zelfrijdende auto, een Mercedes, rijdt overigens al in 1987 over de Duitse autobaan.

De zelfrijdende auto heeft allerlei voordelen, zegt hoogleraar robotica Maarten Steinbuch. 

Een meer sinistere variant op de autonome machines vormen de autonome wapens. Wapenfabrikanten en ministeries van Defensie zijn druk bezig met de ontwikkeling van drones en andere wapens die in principe geheel zelfstandig op het slagveld kunnen opereren. Het moge duidelijk zijn dat we hiermee een juridisch en moreel mijnenveld betreden, want wie is verantwoordelijk voor de acties van deze wapens? Om diezelfde reden moet er in een zelfrijdende auto altijd iemand achter het stuur zitten, om waar nodig te kunnen ingrijpen.

Bekijk de hele aflevering op NPO Start.

En dat zijn alleen nog maar de zichtbare toepassingen van kunstmatige intelligentie. Steeds meer slimme software zet de tanden in de gigantische en exponentieel groeiende berg data die zich in de cloud bevindt. Onvermoeibaar zoeken algoritmen naar patronen in al onze digitale sporen.

Welke apps en sites je gebruikt, met wie je communiceert, waarover, en waar je heen gaat: alles wordt gemonitord en geanalyseerd. Dat merk je onder meer aan de op jou toegespitste advertenties en aanbiedingen die je dagelijks krijgt voorgeschoteld, maar dat is nog maar het topje van de ijsberg aan kennis die bedrijven en overheden aan de databerg ontfutselen. Historicus Yuval Harari voorziet dat slimme algoritmes ons binnenkort beter zullen kennen dan wij onszelf kennen, vertelt hij in Nieuwsuur:

Algoritmen krijgen steeds meer autoriteit, zegt historicus Yuval Harari.

Wat is de Turingtest? Kan een machine werkelijk intelligent zijn?

Door het steeds te hebben over kunstmatige intelligentie, neem je impliciet aan dat een computer intelligent is. Maar kan een machine daadwerkelijk intelligent zijn? Kan een machine denken? Dat blijkt een welhaast onmogelijke vraag om te beantwoorden. De Britse wiskundige Alan Turing bedacht een manier om de vraag toch te beantwoorden: het imitatiespel, beter bekend als de Turingtest. 

In een notendop komt de test op het volgende neer. Je gaat via een computer met iemand chatten. Je weet niet of je met een mens of met een computerprogramma aan het chatten bent. Aan jou de taak om uit te vogelen of het een mens is of niet. Denk je dat het een mens is, maar is het toch een computerprogramma, dan is dat programma geslaagd voor de test. 

Dat lijkt decennialang een onneembare barrière, maar in 2014 slaagde het computerprogramma Eugene Goostman wel voor de test: het slaagt erin meer dan 30% van de menselijke chatpartners wijs te maken dat het een mens is. Niet iedereen dus: oud-medewerker van De Kennis van Nu Bennie Mols was erbij en liet zich niet in de luren leggen. 

Deel alinea

Audiofragment

Bennie Mols ontmaskert Eugene in de Turingtest
NTR - De Kennis van Nu, 10 jun 2014

Zelfs als in de toekomst een programma erin slaagt alle chatpartners van zijn ‘menszijn’ te overtuigen, betekent dat niet per definitie dat het programma intelligent is. Het betekent dat wij het menselijke intelligentie toedichten.

Wordt kunstmatige intelligentie slimmer dan de mens?

In de discussies rond kunstmatige intelligentie kwam in de afgelopen decennia met enige regelmaat de term ‘singulariteit’ voorbij. Deze term verwijst naar het moment waarop de intelligentie van computers die van de mensen in alle opzichten voorbij streeft. Vanaf dat moment zal de mens de computers niet meer kunnen begrijpen. Omdat de beslissingen en handelingen van computers dan snel een steeds grotere invloed zullen hebben, zal de mens ook al snel niets meer begrijpen van de maatschappij. 

Of we de singulariteit binnenkort of in de verre toekomst zullen bereiken – en of dat überhaupt een realistisch scenario is – daar zijn de meningen sterk over verdeeld.  Uitvinder en schrijver Ray Kurzweil denkt dat het binnenkort inderdaad zover is. Hij publiceerde in 2005 zelfs een boek met als titel The Singularity is Near. In Wintergasten sprak hij met Raoul Heertje over de singulariteit:

Wat is de singulariteit precies? Uitvinder en schrijver Ray Kurzweil legt het uit. 

Andere experts wijzen erop dat computers weliswaar heel goed zijn in specialistische taken – schaken, Go-spelen of gezichten herkennen – maar van het combineren van al die kennis brengt de computer nog weinig te terecht. Daardoor kan het nog lang duren, zeggen zij, voor computers de algemene intelligentie van mensen voorbijstreven.

Deel alinea

In het kort

  • Kunstmatige intelligentie is dat deel van de computerwetenschappen dat zich bezighoudt met de ontwikkeling van machines die op een menselijke manier reageren. 

  • In de jaren veertig van de vorige eeuw ziet de eerste digitale, programmeerbare computer het licht. In de 21ste eeuw floreert het vakgebied opnieuw, mede dankzij de sterk toegenomen rekenkracht van computers. 

  • De lijst van dingen die een computer inmiddels net zo goed of beter kan dan een mens, blijft groeien: van schaken tot autorijden en ons online gedrag analyseren.

  • Of een machine kan denken, blijkt een moeilijke vraag om te beantwoorden. De Britse wiskundige Alan Turing bedacht een manier om de vraag toch te beantwoorden: het imitatiespel, beter bekend als de Turingtest. 

  • De singulariteit is het moment waarop de intelligentie van computers die van de mensen in alle opzichten voorbij streeft. Vanaf dat moment zal de mens de computers niet meer kunnen begrijpen. 

Deel dit venster