Van nozems tot hipsters: is de jeugdcultuur 'dood'?

6 minuten leestijd

Van nozems tot hipsters: is de jeugdcultuur 'dood'?

Lifestyle

Je leest nu

Van nozems tot hipsters: is de jeugdcultuur 'dood'?

    • Deel op

    • Gekopieerd
  • 78
  • 1867

Nozems, kikkers, hippies, punkers en hipsters. Behoorde jij ook tot een jeugd(sub)cultuur? Al was het maar om even te proberen? Als jongere wil je zelf bepalen hoe je je leven inricht en met wie. Maar waarom zet je je als tiener eigenlijk af tegen anderen? En welke grote jeugdculturen hebben wij sinds de tweede helft van de twintigste eeuw in Nederland zien verschijnen?

Samengesteld door Aela Andrée - Andere Tijden

Waarom zet je je als tiener af?

Je zet jezelf af van anderen om je zelf zijn te benadrukken. Kinderen ontlenen hun identiteit direct aan hun ouders, maar jongeren experimenteren tijdens hun tienerjaren juist steeds meer met vrijheid en zelfstandigheid: ze zoeken naar een eigen identiteit. Jongerenculturen bieden, door middel van een set normen en waarden, een blauwdruk voor verschillende identiteiten waarmee jongeren kunnen experimenteren. 

Ben jij ooit onderdeel geweest van een subcultuur?

58%
42%
Deel poll

Zo begin je je in je tienerjaren tegen van alles te verzetten. Alles wat je niet wilt en stom vindt, zegt namelijk ook iets over wie jij bent (en wilt zijn). Door niet te doen wat je ouders willen, sla je een eigen weg in en benadruk jij je eigen zelfstandigheid. Zo wijk je in jouw identiteit af van jouw ouders, omdat je de dingen anders doet.

Zo vader, zo zoon. Of toch niet? Bekijk de hele uitzending op NPO Start.

Tieners zetten zich niet alleen tegen hun ouders af, maar soms ook tegen leraren en politie. En niet te vergeten: tegen elkaar! Iedere jeugdcultuur heeft een eigen specifieke stijlDe stijl is erg belangrijk voor de identiteit van een jeugdcultuur. Stijl bestaat uit het image (hoe je er uit ziet), de houding (hoe je je gedraagt) en taalgebruik (hoe je spreekt). Zo verwijst stijl naar de waarden, normen en opvattingen die de identiteit van een jeugdcultuur weergeven. . Alles aan die stijl moet aan de normen van de jeugdcultuur voldoen, anders hoor je er écht niet bij. Maar ook hier geldt dat alles wat je niet bent, ook iets zegt over wie je wel bent. Door de tegenovergestelde kenmerken van een andere jeugdcultuur te benoemen en te benadrukken, laat je zien dat die anderen het echt totaal niet begrepen hebben.

Wat is het verschil tussen een jeugdcultuur en een subcultuur?

Een jeugdcultuur (ook wel jongerencultuur) is een set van normen, waarden, opvattingen, gedragsvoorschriften, rituelen en stijl die gedeeld wordt door een groep waarvan de leden binnen de leeftijdsgroep 12 tot 21 vallen. Jeugdculturen zijn dus leeftijdsgebonden. Een subcultuur daarentegen, overlapt enerzijds wel deels met de dominante jeugdcultuur, maar wijkt anderzijds (in minimaal één aspect) toch af van de dominante jeugdcultuur. Hierdoor heeft een jongerensubcultuur een eigen specifieke karakter. Een jeugdcultuur is dus aantrekkelijk voor de massa en breed gedragen, terwijl subculturen uit kleinere groepen bestaan die afwijken van de breed gedragen jongerencultuur. Een voorbeeld zijn de indorockers van de jaren ’50: zij delen veel stijlkenmerken met de kuivencultuur, maar hebben een specifiek karakter dat de kuiven niet hebben.

Deel alinea

Sinds wanneer kennen wij jeugdculturen?

In Nederland verschijnen de eerste twee jeugdculturen in de jaren ’50. De stijgende welvaart zorgt er dan namelijk voor dat jongeren genoeg vrij te besteden geld en tijd hebben.

"Als ik gekke dingen ga doen dan moet ik wel verantwoording afleggen." De hele uitzending bekijk je hier.

Dit geld is noodzakelijk om de juiste kleding, schoenen, haarstijl en levensstijl te betalen die bij jouw jeugdcultuur horen. In je vrije tijd draag je deze stijl ook zichtbaar uit, zodat iedereen gelijk ziet tot welke jongerencultuur jij behoort.

Deel alinea

In de jaren ’50 besteedt de jeugd de vrije tijd nog voornamelijk thuis met het gezin. Maar jongeren krijgen het daar benauwd en willen hun vleugels uitslaan buiten het overbekende gezinsleven. Het verzuilde verenigingslevenNederland is lang verzuild geweest in een katholieke, protestantse, socialistische en liberale zuil. Iedere zuil had instanties en verengingen die aansloten bij hun eigen levensovertuiging. Zo had iedere zuil ook eigen jongerenverenigingen waar jongeren samen leuke dingen konden doen met gelijkgezinden leeftijdsgenoten. is voor hen ook niet meer aantrekkelijk, omdat ook dáár de volwassenen de touwtjes in handen hebben. Ze besteden hun tijd veel liever met gelijkgezinde leeftijdsgenoten.

De volwassenen weten niet wat ze zien. Wat moeten we toch met al die nozemsDe term nozem verschijnt in Nederland voor het eerst in 1955 in een artikel van Jan Vrijman in Vrij Nederland. Hij verwijst met dit woord naar de baldadige jeugd aan de Nieuwendijk. Sindsdien is het een verzamelterm voor losbandige, gedemoraliseerde jeugd. ? Daarmee komt het nooit meer goed. De jeugd is losgeslagen: wild!

"Ze vonden het schandalig! Maar dat kon je allemaal niet schelen. Dat droeg er allemaal aan bij je juist fanatieker te maken."

Jules Deelder, 12 juli 1999

Wat zijn de eerste twee subculturen van Nederland?

De volwassenen van de jaren ’50 zien de losgeslagen jeugd als nozems. Maar wat voor hen één pot nat is, zijn eigenlijk twee aparte jeugdculturen: de kuiven en artistiekelingen. Hoewel er ook wel gemeenschappelijke kenmerken bestaan, staan beide groepen in veel opzichten lijnrecht tegenover elkaar. Als je alleen de gelijkenissen beschouwd zie je één jeugdcultuur, maar als je beter kijkt zie je verschillen en blijken het twee jeugd subculturen.

Deel alinea

Artistiekelingen
Artistiekelingen zijn voornamelijk afkomstig uit de hoger opgeleide middenklasse. Hun stijl is deels gebaseerd op Amerikaanse en deels op Parijse voorbeelden. Hun levensstijl kenmerkt zich door een bijzondere voorliefde voor kunst, filosofie, literatuur en jazz. Ze vertonen voorkeur voor zwarte, nonchalante, tweedehands kleding. Hoewel hun imago niet gewelddadig is, zetten ze zich sterk af tegen de cultuur van hun ouders. Zo staan ze bijvoorbeeld kritisch tegenover de seksegebonden rolverdeling Seksegebonden rolverdeling verwijst naar de taakverdeling tussen mannen en vrouwen. Volgens de traditionele opvattingen is het de taak van de man om te werken en een inkomen voor het gezin te verdienen. Voor de vrouw is de verzorging van het huishouden en het opvoeden van de kinderen de hoofdtaak. die kenmerkend is voor de cultuur van hun ouders. Hoewel ze in de kern niet agressief zijn, gaan ze regelmatig op de vuist met de kuiven.

© Fotocollectie Anefo

Hier zien we een groep nonchalant geklede artistiekelingen die een deel van hun inkomen hebben besteed aan een toegangsbewijs voor het Stedelijk Museum in Amsterdam zodat zij het werk van Picasso kunnen bewonderen in 1967.

Kuiven
De kuiven zijn afkomstig uit de midden- en lagere arbeidersklasse. Ze halen hun inspiratie uit Amerika en organiseren zich in gangsBendes georganiseerd op wijkbasis met een eigen territorium en eigen erkende leider. . Hun imago is ruig: ze sjezen op brommers en vechten wat af. Van jazz moeten ze niets hebben, ze wenden zich namelijk liever tot rock-‘n-roll. Hun ruige imago dragen ze ook uit in hun kledingstijl. Ze dragen (nieuw gekochte), piloten-, bomber- of leren motorjacks en versieren zich met metalen studs. Ze zetten zich wél af tegen de dominante cultuur van de middenklasse, maar niet tegen die van hun ouders. Zo accepteren ze, in tegenstelling tot de artistiekelingen, bijvoorbeeld wel de seksegebonden rolverdeling.

Hier zien we een groep goed gekapte kuiven in een kapsalon, waarvan een jongen en een meisje samen de twist dansen in 1962. De twist is een dansstijl die goed past bij rock-‘n-rollmuziek’’ van maken

Maar er zijn ook overeenkomsten tussen de twee groepen. Zo zoeken beide groepen hun plezier op straat, in uitgaansgelegenheden en op het strand. De kuiven en artistiekelingen gaan ook veel naar de bioscoop, soms zelfs naar dezelfde films. Maar dat is niet het enige. Beide jongerenculturen ontlenen elementen aan de Amerikaanse populaire cultuur. Ook kennen ze beide een liefde voor de – nieuw op de markt verschenen – jeansNieuw gekochte spijkerbroeken moesten nog de juiste look krijgen. Je moest ermee in een bad met chloor gaan zitten of in de branding van de zee gaan liggen. Soms zat je spijkerbroek zó strak dat je hem alleen aankreeg als je plat op je bed ging liggen. Van hoge, strakke broeken kon je erge buikpijn krijgen. Maar wie mooi wilt zijn, moet pijn lijden! . Wanneer de politie ingrijpt, verbroederen de twee groepen kortstondig en keren de jongeren zich zij aan zij tegen de agenten.

Hoe laten jongerenculturen zich inspireren door hun voorgangers?

Tussen de jaren ’60 en ’00 schieten nieuwe jongeren(sub)culturen als paddenstoelen uit de grond. Sommigen verdwijnen op den duur terwijl anderen snel vermainstreamenVermainstreaming is het verwateren en verdwijnen van een gedachtengoed van een jongerensubcultuur zodat er alleen een consumptieve stijl overblijft die acceptabel en aantrekkelijk is voor een grotere massa.

Deel alinea

Kikkers, hippies en soulkikkers verschijnen in de jaren ’60. In de jaren ’70 komen daar de metalheads, disco’s, rasta’s, punkers, skinheads en hiphoppers bij. Uit deze verschillende jeugdculturen verschijnen, als vertakkingen, weer allerlei jeugdsubculturen. Zo komen er begin jaren ’80 vier verschillende jongerensubculturen voort uit de punkscene, waaronder de new wave.

‘’Dringen voor Punk of New Wave is ook in Nederland niet ongewoon meer.’’ Voor de hele uitzending ga je naar NPO Start

Hoewel al deze jeugd(sub)culturen het liefst de verschillen met hun tegenculturen benadrukken, bouwen ze allemaal voort op de eerste jeugdculturen uit de jaren ’50. Aan bestaande kenmerken van de artistiekelingen en de kuiven voegen de nieuwe jeugd(sub)culturen hun eigen twist toe.

Kikkers
De kikkercultuurDe Haagse kikkersubcultuur valt in 1966 uit elkaar, maar dan zijn delen van hun cultuur inmiddels al in heel Nederland overgenomen door de jeugd: ze waren mainstream geworden. (ook wel bekend als ‘beatniks’) die in de jaren ’60 in Den Haag verschijnt, combineert elementen van de kuiven en artistiekelingen en drukt daar een eigen stempel op. Als kikker drink je evenals de kuiven bier, je organiseert je in gangs en je rijdt op brommers. Wel een brommer van het juiste merk natuurlijk.

Een gewone brommer is niet genoeg, daar moet iets extra’s mee gebeuren.

Naar het voorbeeld van de artistiekelingen kleed jij je als kikker nonchalant en koester je vrijere opvattingen over seks en de seksegbonden rolverdeling. Aan deze artistieke-kuivenmengelmoes voeg jij je eigen dansstijl en muziek toe: de beatmuziek, waarvan The Beatles het bekendste voorbeeld zijn. En, in contrast met de strakke broeken van je stamvaders, draag je als kikker een broek met uitlopende pijpen.

Hippies
Eind jaren ’60 verschijnen de hippies. Zij kleden zich net als de kikkers en artistiekelingen. Als hippie heb je namelijk een voorkeur voor nonchalante, tweedehands kleding. Maar waar de kleding van de artistiekelingen zwart is, kleden hippies zich juist in alle kleuren van de regenboog. Ook het blowen, de opvattingen over vrije seks en de praatcultuur ontlenen zij aan het intellectuele voorbeeld van de artistiekelingen.

‘’Een gedeelte van de Amsterdamse jeugd schoolt zich om tot hippie’’. Deze uitzending van Andere Tijden bekijk je hier.

De pure hippiecultuur is maar van korte duur. Begin jaren ’70 treedt er namelijk vermainstreaming op: het revolutionaire gedachtegoed verwatert. Wat overblijft is een toegankelijke, commercieel gerichte massacultuur die nu het merendeel van de jongeren omvat. De hippies hebben wel een blijvende stempel op de Nederlandse samenleving achter gelaten: de festivalcultuur.

Het Holland Pop Festival in het Kralingse Bos van Rotterdam in 1970.

Punkers
De punkers verschijnen in de tweede helft van de jaren ’70. Zowel punkers als kikkers combineren elementen van kuiven én artistiekelingen. Als punker deel je met de artistiekelingen een voorliefde voor zwarte, tweedehands kleding, maar de lerenjassen en studs heb je van de kuiven afgekeken. Met de artistiekelingen heb je ook een liefde voor kunst gemeen. Punkers ontwikkelen zelfs eigen kunstvarianten: graffiti en collage. Ook sta je als punker in de intellectualistische traditie van de artistiekelingen. Je bent anarchistischAnarchie is het ontbreken van machtsverhoudingen in een samenleving, waardoor er geen manier is om (het naleven van) regels in de samenleving af te dwingen. en maatschappijkritischEen kritische blik op hoe de hedendaagse samenleving en diens regering zijn ingericht. en (naar het voorbeeld van de kuiven) ben je bereid hiervoor te vechten.

De hipsterparadox: is de subcultuur dood?

In de jaren negentig is de jeugd verdeeld over verschillende subculturen, maar dan verschijnt daar in 1999 plots de hipster. De hipster kenmerkt zich door het gebruik van moderne technologie zoals bijvoorbeeld een laptop, bombastische koptelefoon of camera. Ook heeft de hipster vaak een take-away koffie in de hand, een voorkeur voor duurzame producten en een ideologie van politieke correctheid. In hun kledingstijl grijpt de hipster terug op alle jeugdculturen van de vorige eeuw, maar zonder daarbij rekening te houden met de kleedregels van deze voorgaande jeugdculturen. Zo kun je als hipster prima grote kisten (ontleend aan de punk) onder een bloemetjesjurk (ontleend aan de hippies) dragen zonder de regels van de hipstercultuur te breken.

Deel alinea

In de hipstercultuur bereikt het uiten van individualiteit een nieuw hoogtepunt. Waar voorgaande jeugd(sub)culturen als groep afwijken van de geldende normen van de massa, maar daarbij wel hun eenheid als groep benadrukken, is de nadruk op het individu hét kenmerk van de hipster. Als hipster ben je anders: anders dan de rest én anders dan andere hipsters.

Hipsters willen breken met de massa, ze zijn immers allemaal hun eigen individu.

Ook bij de hipstercultuur treedt er vermainstreaming op. Dit zorgt voor een lastige paradox: de hipsterparadox. Omdat je als hipster anders wilt zijn dan de massa en je eigen individualiteit benadrukt, zal je ten alle tijden ontkennen dat je een hipster bent. Hierdoor is ook de ontkenning onderdeel van de hipstercultuur. Als je ervoor uitkomt een hipster te zijn, ben je kennelijk een hipster omdat jij je zo identificeert. Maar ook als je beweert géén hipster te zijn, ben je een hipster omdat die ontkenning onderdeel is van de hipstercultuur. Zo is de hipstercultuur, die ooit begon als subcultuur, door vermainstreaming tot massacultuur geworden en zijn we samen één grote hippe massa geworden. Maar als iedereen een hipster is, kunnen er dan nog subculturen bestaan?

Ben jij ooit een hipster genoemd?

45%
55%

In het kort

  • Je gaat je in je tienerjaren afzetten van anderen om je eigen identiteit te benadrukken. Jeugdculturen kunnen daarbij te hulp schieten.

  •  In de jaren ’50 verschijnen de eerste jongerenculturen in Nederland doordat de welvaart jongeren genoeg vrij te besteden tijd en geld biedt.

  • In de jaren ’50 verschijnen de kuiven en de artistiekelingen. Zij worden door ouders en autoriteiten aangeduid als nozems, terwijl het eigenlijk twee aparte jeugdculturen zijn met overeenkomsten én verschillen.

  • In de daarop volgende decennia verschijnen er allerlei jongerenculturen en jongerensubculturen. Sommige verdwijnen in hun geheel, terwijl anderen zo hip worden dat ze vermainstreamen waarna er een commerciële massa zonder ideologie overblijft.

  • In de hipstercultuur staat het individu centraal, maar omdat deze cultuur zich snel onder de massa verspreidt, ontstaat er een paradox. Als je zegt hipster te zijn ben je een hipster, maar als je ontkent hipster te zijn ben je ook een hipster waardoor iedereen ten allen tijden een hipster zal zijn.

Deel dit venster