Waarom houden we (niet) van Paul Verhoeven?

15 minuten leestijd

Waarom houden we (niet) van Paul Verhoeven?

Film

Je leest nu

Waarom houden we (niet) van Paul Verhoeven?

    • Deel op

    • Gekopieerd
  • 38
  • 13180

We bewonderden hem, verguisden hem en hebben hem inmiddels weer in de armen gesloten: in Nederland weten we nog steeds niet wat we met filmregisseur Paul Verhoeven (Turks Fruit, Basic Instict, Elle) aanmoeten.

Samengesteld door Nick Boers

Paul Verhoeven neemt het daverende applaus op 1 juni 2004 gul in ontvangst. De regisseur van onder andere Turks Fruit en Soldaat van Oranje krijgt die avond in Paradiso, Amsterdam, de Bert Haanstra Oeuvreprijs toegekend. Een blijk van waardering waar Verhoeven, die de twintig jaar daarvoor in Amerika verbleef uit onvrede met de Nederlandse filmpers en het Productiefonds (en aldaar verdere kaskrakers als RoboCop en Basic Instinct heeft geregisseerd), lang op heeft moeten wachten.

Maar dezelfde avond krijgt de geboren Amsterdammer alsnog een klap in zijn gezicht. Het juryrapport dat de prijs moet onderbouwen staat helemaal niet vol van superlatieven. Integendeel. De films van Verhoeven zijn "te confronterend, te beladen, te explosief", "gênant" bovendien en niet "verfijnd of subtiel". “Paul Verhoeven prikkelt niet door middel van een scherpzinnig debat,” leest juryvoorzitter Hans van Mierlo voor: “Zijn dialoog met de toeschouwer loopt via actie en heeft de directheid van een linkse hoek.”

Paul Verhoeven verlaat de zaal getergd. Later vertelt hij aan het NRC: “Ik voelde niets. Die prijs voelt niet als erkenning voor de keuzes die ik heb gemaakt. En de uitreiking zelf was typisch Nederlands. Geen royale handreiking, allemaal bijzinnen waaruit blijkt dat het toch niet helemaal echt goed was geweest.”

Waarom vinden we het in Nederland toch zo moeilijk om Paul Verhoeven, binnen en buiten de landsgrenzen onze succesvolste cineast, te waarderen?

Wie is Paul Verhoeven?

Paul Verhoeven wordt op 18 juli 1938 geboren in Amsterdam en groeit tijdens de Tweede Wereldoorlog op in de Haagse wijk Bezuidenhout, dat op 3 maart 1945 wordt gebombardeerd. “Van de oorlog kom ik niet meer los,” vertelt Verhoeven in 2008 aan Elsevier over de invloed van de oorlog op zijn latere leven en films, waarin geweld regelmatig de boventoon voert. “Ik heb als kind de bombardementen gezien, dode mensen op straat zien liggen. Dat zijn indringende herinneringen. Dat bepaalt je wereldbeeld. Het is dus niet toevallig dat ik mij makkelijk kan bewegen in geweld, in spanningen, in hinderlagen. Ik weet wat het betekent, op de vlucht zijn. Soms droom ik nog dat ik over daken loop, op de vlucht. Het tekent je meer dan je denkt. Het is een wereld waar ik zo in kan stappen.”

Van een toekomstige carrière in de film is er tijdens of na de oorlog overigens nog helemaal geen sprake: vader Verhoeven, zelf hoofdonderwijzer, hoopt dat zijn zoon in zijn voetstappen volgt. Gehoorzaam gaat de jonge Paul daarom naar de Rijksuniversiteit in Leiden om natuur- en wiskunde te studeren, maar hij laat die studierichting na het behalen van zijn diploma ook meteen vallen. Verhoeven heeft op dat moment al wat rondgeneusd op de Filmacademie en enkele korte films gedraaid: Een hagedis te veel (1960) en De lifters (1962). Die laatste wordt door filmcriticus Jan Blokker finaal de grond in geschreven in het Algemeen Dagblad. Verhoevens werk zou totaal "inspiratieloos" en van een "misse mentaliteit" zijn.

Uiteindelijk is het in militaire dienst dat Verhoeven zijn eerste professionele productie draait, de documentaire Het Korps Mariniers (1965), een sterk door James Bond geïnspireerd spektakelstuk dat de overheid een dan duizelingwekkende twee ton kost. De film is een succes: heel wat mannen melden zich daarna aan voor de mariniers. Voor Verhoeven leidt het tot een gesprek bij de NOS, waar hij gevraagd wordt de ridderserie Floris onder zijn hoede te nemen. Het zeer succesvolle kinderprogramma betekent het begin van zijn lange samenwerking met scenarioschrijver Gerard Soeteman.

Deel alinea

Waar kennen we Paul Verhoeven van?

Met Soeteman als zijn nieuwe partner in crime regisseert Paul Verhoeven vervolgens enkele van de succesvolste en tevens meest controversiële films in de Nederlandse filmgeschiedenis.

Fier bovenaan staat daarin Turks Fruit uit 1973, naar de bestseller van Jan Wolkers, dat in dat jaar ruim drie miljoen Nederlanders naar de bioscopen weet te trekken: het is daarmee nog altijd de best bezochte film in de vaderlandse geschiedenis.

De film verhaalt over de gedoemde liefde tussen Erik (Rutger Hauer) en Olga (Monique van de Ven) en is daarbij ongekend rauw en realistisch. De film springt vooral in het oog om wat het laat zien aan ogenschijnlijk platte lust en seks: wat nou vrijen of ‘naar bed gaan’, dit is gewoon ‘naaien’. De pers is laaiend enthousiast over de bovenal ontroerende film, die later meedingt voor een Oscar en volgens Het Parool zelfs "de toekomst van de Nederlandse film" inluidt.

Deel alinea

Waarom zit er zoveel seks in films van Paul Verhoeven?

Verhoevens compromisloze blik op seks geldt als een handelsmerk voor zijn films: “Je moet mij niet vragen waarom er zoveel seks in mijn films zit,” zegt Verhoeven in 2016 tegen het NRC, “maar waarom andere regisseurs zo weinig seks in hun films doen. Met seks kun je iets uitdrukken wat je niet met woorden kunt uitdrukken, net als muziek, of schilderkunst. Wat je in de ogen ziet tijdens seks, dat is onzegbaar. Als seks in een film alleen maar wordt gebruikt om te laten zien dat ze neuken, dan is het saai. Maar als je het om dramatische redenen doet, om redenen van schoonheid of whatever, dan is het voor mij net zo belangrijk als een dialoog. Ik vind het raar als mensen dat anders zien.”

Het Vrouwen Bevrijdingsfront ziet het anders. Leden van de feministische actiegroep staan in 1973 buiten het Tuschinskitheater in Amsterdam om pamfletten uit te delen: in de seksuele escapades van de ogenschijnlijke gewetenloze Erik zien zij de zoveelste film waarin vrouwen willoze poppetjes zijn, die er enkel zijn om gebruikt te worden. Het is niet de laatste keer dat men voor Paul Verhoeven op de barricades gaat.

In 1997 ging Turks Fruit opnieuw in première in de Nederlandse bioscopen. Reden voor NOVA om de publieke opinie eens te peilen. 

Deel alinea

Waarom vertrok Paul Verhoeven naar Amerika?

De filmregisseur volgt het succes van Turks Fruit op met Keetje Tippel (1975) en Soldaat van Oranje (1977), waarvan vooral Soldaat van Oranje goed valt bij het publiek. Het verhaal van verzetsheld Erik Hazelhoff Roelfzema is een patriottistische avonturenfilm zonder weerga en wordt druk bezocht. De filmpers is op dat moment al minder onder de indruk van Verhoevens werk: “Films als Soldaat van Oranje vindt men in het buitenland dertien in een dozijn,” schrijft Trouw en volgens Het Parool zijn de vertoonde verzetsdaden "voorspelbaar en zonder verrassingen." Als Soldier of Orange wordt de film in het buitenland wel gewaardeerd: de film krijgt in 1980 een Golden GlobeEen jaarlijkse prijs voor binnen- en buitenlandse film- en televisieproducties met als jury de Hollywood Foreign Press Association. De winnaar ontvangt een gouden beeldje in de vorm van een wereldbol, vandaar de naam: Golden Globe. voor beste buitenlandse film. 

Deel alinea

Datzelfde jaar barst de bom. Spetters, een film over drie jonge motorrijders en de frietverkoopster waar ze alle drie naar verlangen, trekt opnieuw een miljoenenpubliek maar wordt neergesabeld in de pers. Pijnpunten zijn vooral de personages van potenrammer Eef (Toon Agterberg) en femme fatale Fientje (Renee Soutendijk). De eerste wordt door een groep mannen verkracht en ontdekt dan zelf homoseksueel te zijn, de ander gebruikt seks om mannen in haar macht te krijgen. Beroemd is de scène waarin Fientje, achteloos spelend met het geslachtsdeel van haar zoveelste minnaar, opmerkt dat het leven net een kroket is: “Als je weet wat erin zit, hoef je het niet meer.” 

In de ogen van de critici is Spetters in het gunstige geval grof, cynisch en plat, in het ergste geval seksistisch, fascistisch en homofoob (plus grof, cynisch en plat). Er wordt zelfs een heus Nationaal Anti-Spetters Comité (NASA ’80) opgericht, dat actief campagne voert tegen de film. In de Goed Nieuws Show van Sonja Barend confronteren zij de regisseur met hun ongenoegen; na afloop wordt hij zelfs belaagd, maar hij weet de activisten van zich af te houden.

"Shit, en ik ben het shit blijven vinden." Arnoud van Deelen, die samen met de andere leden van het Productiefonds moest oordelen over Spetters. De hele aflevering zien? Kijk op de website van Andere Tijden.

Bedelen om subsidie

Het is niet alleen de reactie van de pers die Verhoeven parten speelt, ook door het Productiefonds voelt hij zich belemmerd. Om subsidie te krijgen voor Spetters worden Verhoeven en Soeteman geacht het hele script te kuisen – iets wat ze doen, om daarna gewoon het oude script te verfilmen. Dat is tenslotte de werkelijkheid volgens Verhoeven, en die schuurt, ja. Die moet schuren.

Het bedelen om subsidie, zoals Verhoeven dat zelf omschrijft, moet hij keer op keer ondergaan. “Ik ben hier weggegaan omdat ik het zo moeilijk vond om hier te werken,” vertelt Verhoeven in 1992, hij is dan inmiddels een grote naam in Hollywood, aan het NRC Handelsblad. “Er was zoveel weerstand, en van de kritiek en van de twee voorzitters van het Productiefonds, eerst Anton Koolhaas, later Jan Blokker, die mij en mijn scenarioschrijver Gerard Soeteman na 1980 het leven totaal zuur hebben gemaakt. Ik ben het land uitgedreven door het Productiefonds.”

De vierde man uit 1983 is voorlopig Verhoevens laatste film in Nederland en trekt hier nog geen half miljoen bioscoopgangers; in het buitenland wordt de film lovend ontvangen. De stap is daarna snel gemaakt.

Welke films maakt Paul Verhoeven in Amerika?

Hollywood ontvangt Paul Verhoeven met open armen. Of nou ja… Zijn eerste poging, de internationale coproductie Flesh + Blood (1985), flopt. Daarna mag de Nederlandse regisseur zijn tanden eerst eens stukbijten op RoboCop: een sciencefictionscript over een futuristische politieman dat menig filmmaker aan zich voorbij heeft laten gaan. In de handen van Verhoeven wordt de film een scherpe satire op de keiharde law-and-order-politiek die president Ronald Reagan op dat moment voorstaat, een film waarin het geweld zo over de top en gruwelijk is dat het tegelijkertijd afstoot en aantrekt. Iets dat het dan ook massaal doet: RoboCop is in 1987 een onvervalste hit, ook in Nederland.

Bankable, dat is Paul Verhoeven na het succes van zijn film RoboCop in 1987. Filmjournalist Simon van Collem legt uit.

Deel alinea

Verhoeven bouwt voort op het succes met Total Recall (1990), een overweldigend special effects- en geweldsspektakel. De film, met in de hoofdrol spierballensuperster Arnold Schwarzenegger, brengt wereldwijd meer dan 260 miljoen dollar op en maakt van Verhoeven een nog grotere naam dan hij al is.

De Nederlandse pers is ook tevreden: niets mis met een commerciële film als je dat dan ook maakt in het commerciële mekka Amerika – en goed, het blijkt dan toch wel leuk, zo’n succesvolle regisseur in het buitenland. In een recensie wordt Verhoeven door het NRC beschreven als "een kameleon met een oer-Hollands hart," een typisch Nederlandse filmmaker die de film een "atypische ondertoon" geeft: “Total Recall kreeg een toets die geen enkele Amerikaanse collega er ooit aan had gegeven.”

Arnold Schwarzenegger weet nog goed wanneer hij Paul Verhoeven voor het eerst ontmoette – en wat hij toen dacht.

Daarna volgt Basic Instinct. De erotische thriller uit 1992, met in de hoofdrollen Michael Douglas en Sharon Stone, doet veel stof opwaaien. De film is doordrenkt van erotiek – de scène waarin Stone tijdens een verhoor haar benen over elkaar slaat en daarmee onthult geen slipje te dragen is nog altijd wereldberoemd. Maar, zo blijkt: de Amerikanen kunnen met seks veel slechter uit de voeten dan met geweld.

Basic Instinct leidde in 1992 tot protestacties en rellen.

Niet voor het eerst wordt er geprotesteerd tegen een film van Paul Verhoeven: demonstranten staan buiten de bioscopen om bezoekers uit te joelen, dragen spandoeken bij zich en delen pamfletten uit die de film en de regisseur (opnieuw) betichten van homofobie. De sfeer is grimmig en de Nederlandse recensent Hans Beerekamp vat die reacties even later mooi samen, bij de Europese première van de film: “Het is voor Nederlanders aardig om te zien hoe de geschiedenis zich herhaalt in de Verenigde Staten. De recensenten voelen zich in verlegenheid gebracht; enerzijds kunnen ze niet heen om de fysieke kracht en de sublieme makelij van de film, en voelen ze zich misschien wel heimelijk aangetrokken door Verhoevens fascinatie voor de waarheid onder de gordel. Anderzijds mag een zo openhartig met God en Gebod spottende, spetterende exploitatie van seksuele fantasieën natuurlijk niet bewonderd worden.”

Waarom vertrekt Paul Verhoeven uit Amerika?

En inderdaad: de geschiedenis herhaalt zich. Nu de Amerikanen bekend zijn met de provocaties van Paul Verhoeven, staat hem al snel dezelfde lijdensweg als in Nederland te wachten.

Zijn volgende project, Showgirls (1995), helpt hem daar niet bij. De film, over een stripteasedanseres in Las Vegas, is een ongenadige flop. Het wint het jaar daarop bij de Golden Raspberries – de anti-Oscars – bijna alle ‘prijzen’. Verhoeven is vervolgens de eerste regisseur in de Razzie-geschiedenis die het aandurft zijn awards in ontvangst te nemen. Dat doet hij met stijl: “Toen ik films maakte in Nederland, werden mijn films door de pers beoordeeld als decadent, geperverteerd en sleazy,” lacht hij vanaf het podium. “Dus ik verhuisde naar de Verenigde Staten, waar mijn films ondertussen bekritiseerd worden als geperverteerd, decadent en sleazy. De enige verklaring voor dit fenomeen is dat ik hier nu geaccepteerd wordt en onderdeel ben van deze prachtige samenleving. Bedankt!” Er volgt luid applaus.

Deel alinea

De Hollywoodcarrière van Verhoeven hangt dan echter aan een zijden draadje. Hij kan zich geen misser veroorloven. Die komt er toch: Starship Troopers (1997), een futuristische film over het gevecht tegen een aantal insectaliens, schiet geheel in het verkeerde keelgat. Verhoeven steekt in de film de draak met zijn nieuwe thuisland en hult het toekomstige Amerika in een propagandistisch, fascistisch jasje dat sterk doet denken aan de nazi’s. Het is een commentaar op de geluiden die na de aanslagen op 11 september 2001 te horen waren in Amerika: wij zijn de beste en wie niet voor is, is tegen. Verhoevens kritiek wordt niet begrepen, of als dat wel het geval is, niet gewaardeerd. Hollow Man (2000), een hedendaagse bewerking van het verhaal van de onzichtbare man, wordt (voorlopig) zijn laatste Amerikaanse wapenfeit. Een film waarvan hij later zelf opmerkt: “Die had iedereen kunnen maken.”

"Als je oplet zie je natuurlijk dat de insecten de oorlog helemaal niet begonnen zijn."

Hoe denken we nu over Paul Verhoeven?

Inmiddels is de mening over Paul Verhoeven in Nederland omgeslagen. In de zomer van 1999 wordt Turks Fruit verkozen tot de beste Nederlandse film van de vorige eeuw; Soldaat van Oranje volgt op de tweede plek. Zelfs het verketterde Spetters wordt opnieuw gewaardeerd: twintig jaar later blijkt die film een veel accurater beeld te geven van de jaren tachtig dan toen werd gedacht. In Verhoeven, die eerst nog symbool stond voor de platte commercie, is plots een filmmaker ontdekt die zich kan meten met de beste van Europa.

Cora Mulders was in 1980 een van de leden van het Nationale Anti Spetters Comité. De hele aflevering zien? Kijk op de website van Andere Tijden.

Deel alinea

Verhoeven beseft dat het tijd is om terug te keren naar Nederland: “Ik kon in Hollywood mijn ei niet meer kwijt,” vertelt hij in 2006 aan de Telegraaf. Hij is dan al bezig aan een nieuwe film: “Zwartboek is een terugkeer en tegelijk een stap vooruit. In alle opzichten.”

De oorlogsfilm, over een Joodse verzetsstrijder die infiltreert bij de Gestapo en moet kiezen tussen plicht en liefde, moet een tegenwicht bieden aan zijn extreem heroïsche, moralistische Soldaat van Oranje en is op dat moment (en nu nog) met een budget van ruim zeventien miljoen euro de duurste Nederlandse film ooit gemaakt. Geheel vlekkeloos gaat het niet (het geld moet uit veel verschillende potjes komen), maar het is voor de regisseur nog nooit zo makkelijk geweest om een film in zijn thuisland te maken. Dat bevalt hem wel.

Zwartboek bevat alle elementen van (en soms directe verwijzingen naar) Verhoevens voorgaande films, met allerlei amorele personages, expliciete seks en het nodige geweld, natuurlijk verpakt in fantastische shots en overdadige kleuren. Het is een film voor de massa, zoals Verhoeven die altijd tracht te maken: “Ik maak films voor mensen waar je boodschappen mee doet,” vertelt hij in 2004 aan het NRC. “Met hen wil ik communiceren. Ik wil dat mijn films niet elitair zijn en verstaanbaar voor iedereen.”

De filmpers reageert, hoe anders, gemengd: Verhoevens werk is altijd te simpel, te direct of überhaupt 'te', maar het zal de bezoeker wederom een worst wezen. Even later wint Zwartboek een Gouden Kalf voor beste film op het Nederlands Filmfestival en krijgt Verhoeven een Kalf voor beste regie. Met optredens in De wereld draait door en Zomergasten ontpopt Verhoeven zich daarna tot "de knuffelopa van de vaderlandse cinema", zoals een journalist van de Volkskrant het stelt. In diezelfde krant krijgt de regisseur een jaar later een vaste column over film, dat leidt tot twee boeken (Volgens Verhoeven en Meer Verhoeven).

It doesn't suck: Showgirls

Zelfs in Amerika wordt Verhoeven opnieuw ingeschat. Aan Showgirls, dat dan al een culthit is geworden onder filmliefhebbers, wordt een boek gewijd door criticus Adam Nyman. Titel: It doesn’t suck. En ook Starship Troopers kan weer, in een post-Bush-tijdperk. Alleen de film Steekspel (2012), dat gebaseerd is op scenariosuggesties die via het internet ingediend kunnen worden, raakt al snel in de vergetelheid.

Bewonderd, bespuugd en uitgekotst, om daarna weer in de armen gesloten te worden: het is de carrière van Paul Verhoeven in een notendop, waar hij ook komt. Hij zuigt, hij irriteert, trapt op tenen, schopt tegen heilige huisjes en laat zich niet inkaderen. “Mensen, en zeker journalisten, willen altijd dat er lijn zit in de dingen die ik zeg of die ik film. Dat is hun manier om de chaos te bezweren. Maar die lijn is er niet. Er is alleen de chaos.” (NRC Handelsblad, 2004)

Wat doet Paul Verhoeven nu?

Als Paul Verhoeven in 2015 zijn nieuwste film, Elle, aflevert, komt de film niet van Nederlandse bodem, maar van Franse. Het Hollandse werkklimaat heeft de regisseur opnieuw beklemd. “Ik word behandeld als een soort kind,” schetst hij tegen de Volkskrant. Met Soeteman wil hij de roman Bel ami van Guy de Maupassant verfilmen, maar Het Filmfonds, opvolger van het Productiefonds, verleent hem maar moeilijk subsidie. “Er is geen respect voor wat je gedaan hebt. Dan geeft zo iemand van het fonds een zo badinerende en banale samenvatting van je film dat je die bijna niet herkent. Dat de hoofdpersoon van vrouwen houdt en dat er, elke keer als het niet goed met hem gaat, een vrouw opduikt. Dat was te weinig voor een film van tweeënhalf uur. Ja, zo kán je de film samenvatten, dan wordt zo'n beoordeling een soort polemiek, met een mogelijk feministisch standpunt van het fonds. Maar ik lever toch niet zomaar iets in?”

Dan maar naar Frankrijk, waar de gerenommeerde actrice Isabelle Huppert speciaal om Paul Verhoeven (de regisseur van Turks Fruit) vraagt. Elle wordt een doorslaand succes, opent het filmfestival van Cannes en wordt door de (meeste) pers jubelend ontvangen. In Nederland, in Amerika, in Frankrijk. Er wordt een documentaire over de regisseur gemaakt voor internationale televisie (Verhoeven versus Verhoeven), en hij kan een Franse televisieserie gaan maken. Op 8 januari 2017 wint Verhoeven een Golden GlobeEen jaarlijkse prijs voor binnen- en buitenlandse film- en televisieproducties met als jury de Hollywood Foreign Press Association. De winnaar ontvangt een gouden beeldje in de vorm van een wereldbol, vandaar de naam: Golden Globe. voor Elle in de categorie beste buitenlandse film. Ook Huppert valt in de prijzen: zij wordt verkozen tot beste actrice.

Elle wordt uitgeroepen tot beste buitenlandse film.

Deel alinea

De wereld ligt weer aan Paul Verhoevens voeten. Voor zo lang het duurt.

"Als je geluk hebt, blijven ze."

Deel dit venster